Ontmoeting Prof. Dr. Danckaerts - Prof. Hendrickx: “ADHD, het kind en zijn omgeving”
Ieder jaar organiseert het bestuur van de beroepsvereniging van de “Kritische Ontwikkelingsbegeleiders, methode Hendrickx”, een studiedag voor haar leden. Afwisselend is dit een ‘interne’ studiedag waarbij Prof. Hendrickx een voordracht geeft rond een bepaald thema . De afgelopen edities was dat: “De schrijvende hand: spiegel van persoonlijkheid” (2004) en “Kritische analyse en interpretatie van de tekenopdrachten die gebruikt worden in de probleemanalyse (”kindje-boom-huis”)”(2006). In de oneven jaren trachten we telkens een ‘autoriteit’ binnen ons vakgebied uit te nodigen voor een ontmoeting met Prof. Hendrickx en onze methode.
In 2005 nodigden we Prof. Dr. Boudewijn Van Houdenhove uit rond het thema van “stress en welvaartsziekten”. (In de Knack van vorige week stond een interessant interview met hem ter gelegenheid van het lanceren van zijn nieuw boek).
Vorig jaar kwam Prof. Dr. Marina Danckaerts spreken rond het thema : “ADHD, het kind en zijn omgeving.” Prof. Danckaerts is in Vlaanderen de gevestigde waarde op het gebied van ADHD. Ze is verbonden als onderzoekster en hoogleraar aan de KULeuven.
De eerste contacten tussen beide Professoren werd een jaar eerder gelegd op een symposium ergens in West-Vlaanderen. De directeur van een revalidatiecentrum had een studiedag op poten gezet rond de relevantie van het toedienen van Rilatine. Prof. Hendrickx en Prof. Danckaerts werden ‘getypecast’ als ‘de grote voor- en tegenstander’ van Rilatine, waarbij er in de karikatuur van uitgegaan werd dat Prof. Danckaerts altijd en overal Rilatine zou voorschrijven en dat Prof. Hendrickx er hard zou tegen strijden en iedereen zou afraden om Rilatine te nemen.
Zoals met elke karikatuur ligt de waarheid natuurlijk in het midden en bleken Prof. Danckaerts en Prof. Hendrickx eerder op 1 lijn te zitten qua visie dan dat ze mekaars tegenpolen zouden geweest zijn.
Voor wie de ‘hype’ niet kent, Rilatine is een geneesmiddel dat ADHD-kinderen in staat stelt om hun aandacht beter en langer gericht te houden. Spijtig genoeg wordt het geneesmiddel de laatste jaren al te vaak en op grote schaal toegediend aan ‘normale’(‘niet-adhd’) kinderen om de leerprestatie te bevorderen. Rilatine wordt dus herleid tot een ‘leerpil’, waarbij de dieperliggende oorzaken voor het moeilijk schools leren over het hoofd gezien worden. (In de Knack van deze week stond in een artikel dat de afgelopen 5 jaren 3 maal meer rilatine is toegediend in vergelijking met de voorgaande jaren.) Wat dan al te makkelijk vergeten wordt is dat rilatine een amfetamine is (een ‘peppil’), die trouwens op de dopinglijst staat, die verslavend kan werken en die ingrijpende neveneffecten kan veroorzaken. En wat doe je met een kind dat in zijn schoolse carrière steeds meer zal blootgesteld worden aan prestatie- en leerdruk (meer leerstof, moeilijker, sneller)? Dat tegelijk ook ouder (en zwaarder) wordt, waardoor de dosissen steeds moeten verhoogd worden?
Begrijp me niet verkeerd, ik ben zeker geen tegenstander van Rilatine. Ik heb in het verleden inderdaad de effecten ervan kunnen vaststellen bij enkele kinderen die ik begeleidde in de praktijk. Ik verzet me enkel tegen ongenuanceerd gebruik, waarbij onvoldoende onderzoek (probleemanalyse) vooraf gaat aan het voorschrijven van de medicatie en tegen exclusief gebruik, waarbij geen andere begeleiding voor het
kind (of het gezin) opgestart wordt. Het is zeer belangrijk dat naast het opstarten van de medicatie, het kind ook op een systematische wijze begeleidt wordt, waarbij het er op aan komt het kind, als systeem, beter te laten functioneren en waarbij op korte/middellange/lange termijn de medicatie zou kunnen afgebouwd worden. In sommige gevallen is het eveneens aangewezen de psychosociale context van het kind (ouders/leerkrachten…) te begeleiden. Dit vraagt natuurlijk een nauwe samenwerking, met regelmatig overleg, tussen de voorschrijvende arts en de betrokken therapeuten.
De studiedag was uitermate boeiend. Na de respectievelijke voordrachten, ontstond een interessante discussie mbt. de noodzaak van ‘evidenced based’ onderzoek, naast het reeds bestaande ‘experience based’ onderzoek. Hierbij vinden jullie enkele beelden. De powerpointpresentatie van Prof. Danckaerts en een eerste artikel van Prof. Hendrickx werden gepubliceerd in ‘Tetraheder’. In dit eerste artikel schreef Prof. Hendrickx onder
meer over het belang van het goed functioneren van het werkgeheugen (operationeel geheugen) bij het ADHD-kind, maar daarover later meer. Een tweede artikel volgt…





