Archive for the 'opleiding' Category

Probleemanalyse van een baby door Prof. Hendrickx

Na enkele blogs op een rij over de Fasciatherapie, werd het tijd om iets te schrijven over de “Kritische Ontwikkelingsbegeleiding volgens Hendrickx”.

In deze eerste blog had ik veel kunnen schrijven over Prof. Hendrickx zelf, over de methode Hendrickx, over de structuur van de opleiding, maar ik verkies het woord aan Prof. Hendrickx zelf te laten. Zo kunnen jullie kennis maken met wat een belangrijk personage zal worden van deze blog. Ik beschouw Prof. Hendrickx, net als Prof. Dr. Bois, als mijn ‘geestelijk vader’. Beiden hebben ze me op professioneel (en deels op menselijk vlak) gevormd tot wie ik nu ben, tot wat ik nu weet, wat ik nu kan.

In verdere posts zal ik wel ingaan op theoretische en praktische aspecten van de methode, alsook specifiek op het behandelen van baby’tjes.

De opnames zijn gemaakt tijdens de probleemanalyse van mijn dochtertje Michelle. Ze was toen net 4 maanden oud. Ann en ik hechtten veel belang aan dit onderzoek. Niet dat er een probleem was/is met Michelle, maar bij het begeleiden van baby’s streven we naar ‘optimale ontwikkeling’. Zelfs al is er geen (zichtbaar) probleem met de baby, is het toch belangrijk om na te gaan in welke mate het lichaam van de baby al (axiaal) gestructureerd is en hoe (en in welke mate) het zijn lichaam in gebruik genomen heeft.

(Read the article)

Quatre Mains

Regelmatig komt er één van de cursisten die de opleiding fasciatherapie volgen, enkele patiënten mee behandelen in de praktijk. Hoewel dat voor ons een belasting is, moedigen we dit vanuit het docententeam aan. Het samen kunnen toepassen van de technieken op een patiënt, helpt de studenten vooruit: ze krijgen een beter inzicht over hoe de methode concreet toegepast wordt in de praktijk (dit is eigenlijk ook het doel van deze blog) en je kan de studenten goed individueel bijsturen. Je zou kunnen stellen dat het een privéles is.
Gisteren kreeg ik het bezoek van Marijke, een gemotiveerde therapeute die net het eerste jaar van de opleiding achter de rug heeft. Door professionele omstandigheden kon ze tijdens het vorige seminarie (cervicale wervelkolom en inleiding op de craniale fasciatherapie) de eerste twee dagen niet aanwezig zijn. Die eerste twee dagen zijn cruciaal in de opbouw van een seminarie: er wordt een specifieke perceptie ontwikkeld, nodig voor het echte therapeutische werk van de derde en de vierde dag. Om haar te helpen gezien de leerstof toch beter te integreren, stelde ik haar voor een patiënt met schouder-nek-thoraxpijn samen te behandelen. (Read the article)

Seminarie 2007.5 : Een introductie op de craniale fasciatherapie

Fascia-opleiding : Seminarie 2007.5:

De afgelopen week heb ik het vijfde seminarie geleid in de opleiding fasciatherapie. Het centrale thema was de cervicale wervelkolom en een introductie op het craniale werk. Daarnaast zijn er natuurlijk zoveel andere thema’s die tijdens zo een seminarie aan bod komen.
Ik heb de gewoonte het tempo tijdens mijn seminaries heel hoog te houden. De cursisten zijn allen kinesitherapeuten die hun drukke praktijk gedurende drie en een halve dag achterlaten om zich te komen bijscholen. Daarenboven betalen ze er ruim voor. Ik voel me dus verantwoordelijk om hen zo veel mogelijk mee te geven op een zo kort mogelijke tijd. Door de stof goed te structureren en duidelijke protocols te maken van de praktijk hoop ik dat de cursisten veel nieuwe inzichten krijgen en nieuwe vaardigheden leren en vooral dat ze het concreet kunnen toepassen in hun kabinet.
Gelukkig kon ik rekenen op verschillende assistentes om me te helpen. Normaal is er altijd 1 assistent per seminarie, ditmaal waren ze met 4! Dat komt de kwaliteit van een seminarie ten goede, ik krijg voortdurend feedback en kan zo ‘in real time’ mijn pedagogie aanpassen aan de cursisten. De leerlingen van hun kant hebben ook altijd iemand om op terug te vallen als ze iets niet goed begrijpen.
Craniaal werken is nieuw voor de meeste kinesitherapeuten. In de basisopleiding ‘kinesitherapie’ wordt enkel het locomotorische lichaam bestudeerd. In het seminarie is dan ook veel tijd gegaan naar het voorbereiden van de therapeuten op het craniale werk : een schedel benader je veel subtieler dan een lichaam. Veel van het voorbereidend werk was gericht op de kwalitatieve aspecten van de handgrepen van de therapeuten (kwaliteit van glijden, relatie tussen objectieve verplaatsing en subjectief gevoel van amplitudo etc…). (Read the article)

« Previous Page